In Don Juan portretteert Richard Strauss de ultieme verleider in al zijn glorie en tragiek: rusteloos, hunkerend en uiteindelijk - onvermijdelijk - geconfronteerd met zijn eigen grenzen. Een bruisend symfonisch gedicht vol jeugdige energie en roekeloze verleiding, dat eindigt in een veelzeggende stilte. Die wordt doorbroken door de massieve klankwereld van Iannis Xenakis: in Empreintes laat hij het orkest klinken als een overweldigende natuurkracht, en zorgt voor een fascinerende luisterervaring die de gekende muzikale grenzen verlegt.
Daarna zet Ludwig van Beethoven de puntjes op de i, en de essentie van de symfonie centraal - weze het met een flinke knipoog. Zijn Achtste Symfonie is een ode aan de levenslust en zit vol muzikale humor. Hoewel Beethoven in deze periode kampte met persoonlijke tegenslagen, leverde hij een compact, energiek en opgewekte symfonie af. Een flink shot energie om de avond af te sluiten.