fr
ticketshop become a friend
Casimir Liberski / Johan Jacobs

een gesprek met Casimir Liberski

In 2024 keert het Brussels Jazz Festival terug met een 10-daagse editie, tot groot genoegen van de jazzliefhebbers. Onze artiest in residentie Casimir Liberski, pianist en klavierspeler uit Brussel, krijgt carte blanche voor drie projecten.

Hoe heb je deze drie projecten benaderd ?

De drie projecten vullen elkaar aan, want ze zijn verbonden in tijd en verhaal. Ook de artiesten zijn met elkaar verbonden en hebben een verleden samen. Mijn doel ? Een organische samenwerking creëren. Vooral niets oppervlakkigs.

Jouw eerste project wordt een kwartet met grote namen uit de Amerikaanse jazz : Greg Osby, Larry Grenadier en Nasheet Waits.

Greg Osby moest en zou er bij zijn, want ik droom al jaren van een samenwerking met hem. Ik heb hem voor het eerst ontmoet toen hij samen met mijn mentor Masabumi Kikuchi het duoalbum Beyond All opnam. Greg is een vernieuwende geest in de Black American Music en een van de grote levende meesters van de altsaxofoon. In de jaren 80 richtte hij mee het M-Base collectief op, met onder meer Steve Coleman. Dat was een van de laatste stromingen die de jazz het meeste hebben beïnvloed, net zoals bebop dat 40 jaar eerder deed. Greg speelt echt subliem : met een volledige vrijheid en een adembenemende technische beheersing. Hij heeft zijn stempel gedrukt op een hele generatie muzikanten. Larry Grenadier speelt bas. Ik speelde vroeger met hem en mijn andere mentor, Ornette Coleman, in Colemans loft in New York. Ik ken Larry al jaren. We komen elkaar vaak tegen in de kleedkamers na de concerten van mijn jeugdvriend Brad Mehldau. Nasheet Waits was een van de eerste drummers met wie ik speelde na mijn aankomst in New York in 2008. Nasheet had een studio in Westbeth waar we regelmatig jamden. Toen ik hem ontmoette, maakte hij deel uit van Andrew Hill Trio. Hij is een van de populairste drummers in de jazz op dit moment. Met hem muziek maken is altijd een plezier.

Je bereidt een samenwerking voor met elektromuzikant Detlef Weinrich (aka Tolouse Low Trax) en je echtgenote, saxofoniste Shoko Igarashi. Kan je ons meer over hen vertellen ?

Shoko is van Japanse afkomst. Maar we hebben elkaar ontmoet in New York, waar we toen allebei woonden. We hebben ook allebei aan het Berklee College of Music in Boston gestudeerd, maar niet op hetzelfde moment. Hoewel ze een heel sterke jazzmuzikante is, is ze momenteel getekend bij Tigersushi. Onder dit electrolabel heeft ze haar eerste album uitgebracht : Simple Sentences met Japanse invloeden zoals animatiefilms soundtracks uit de jaren ‘80 of de synthpop van Yellow Magic Orchestra. Ze ontdekte het plezier van elektronische muziek en productie toen ze naar Europa verhuisde. Tolouse Low Trax houdt van Japanse muziek, wat aansluit bij Shoko’s invloeden, en die van mij trouwens ook. De muziek van Tolouse Low Trax heeft een op-en-top Berlijns geluid, vrij donker en heel persoonlijk. Hij gebruikt veel samples en heeft een heel breed scala aan geraffineerde geluiden. Detlef komt uit Düsseldorf en is ongetwijfeld een van de pioniers van deze techno-krautmuziek. Detlef is een echte referentie in de elektronisch muziek van vandaag. We hebben nog nooit samen gespeeld, dus dit wordt een grote primeur. Ik stel me deze ontmoeting voor als een hypnotiserende mix van gesyncopeerde elektronische beats en zeer organische freejazz, in een darkwave en minimalistische esthetiek. We zullen vertrouwen op instinct en luisteren, op geluidsverkenning.

Wat mogen we verwachten van je soloconcert ?

Het soloconcert is mijn basis, wat ik altijd heb gedaan, in alle vrijheid. Ik heb nog een miljoen nummers in mijn hoofd die ik wil bewerken en spelen. Het wordt in elk geval een eerlijk, ongefilterd optreden. Denk aan improvisaties en persoonlijke composities, maar ook covers van nummers die mijn leven hebben getekend. Als soloartiest kan ik echt alle kanten op. Alles hangt af van de emoties van het moment.

Interview door Lisanne Verhaegen